Voorstel

Voorstel

Onderwerp
1e Voortgangsmonitor 2026

Programma

Financiën

Behandeldatum

2 juni 2026

Portefeuillehouder

T.F.A. van Elferen

Status

Openbaar

Samenvatting
In deze Voortgangsmonitor vragen we uw raad goedkeuring te geven aan een aantal begrotingsaanpassingen omtrent de algemene middelen en een aantal programmameldingen, omdat daar in de begroting geen rekening mee is gehouden. Daarnaast stellen we een aantal aanpassingen voor investeringskredieten voor.
En in het Verzamelvoorstel zijn wijzigingen opgenomen die budget neutraal zijn. Het betreft beleidsarme begrotingsaanpassingen die vooral van belang zijn om de begrotingsuitvoering op orde te kunnen houden.
Het vaststellen van deze aanpassingen is voorbehouden aan uw raad.

Naast deze voorstellen voor aanpassingen bieden we een eerste inzicht in het financieel perspectief van de uitvoering van de begroting. We voorzien dit jaar een afwijking van het begroot resultaat van  14 miljoen euro negatief. Dit heeft enerzijds te maken met een voordeel op de algemene middelen van 4,9 miljoen euro en een nadeel op de programmamiddelen van bijna 19 miljoen euro. In het verwacht resultaat is geen rekening gehouden met de ontwikkeling van de planexploitaties. In het Meerjarenperspectief Grondexploitaties (MPG) en in de tussentijdse rapportages grote projecten wordt expliciet ingegaan op de ontwikkelingen van de planexploitaties.

Het voordeel op de algemene middelen heeft vooral te maken met lagere kapitaallasten door lagere rentekosten en vertragingen in de realisatie van investeringen.

Bij de programma's geven we een beeld van de specifieke ontwikkelingen. We lichten de grootste afwijkingen ten opzichte van de begroting hier kort toe.
In het sociaal domein hebben we al een aantal jaren te maken met een voordeel op de Wsw en Beschut werk. Daartegenover staat dat het BUIG model nadelig blijft voor Nijmegen. We zien ook sinds 2024 weer een stijging van het aantal bijstandsuitkeringen. Ook dit jaar verwachten we een nadeel op de studietoeslag, dat sinds de stelselwijziging 2022 jaarlijks toeneemt.

Bij de Wmo verwachten we een voordeel op huishoudelijke hulp en hulpmiddelen in verband met uitstel van invoering van het Wmo abonnementstarief naar 1 januari 2028. De korting van het rijk is hierdoor tijdelijk teruggedraaid, waardoor de begroting is verhoogd. Voor Wmo begeleiding verwachten we een nadeel omdat in de begroting rekening is gehouden met een hoger percentage cliënten dat wordt begeleid door de buurtteams dan op dit moment het geval is. Daarnaast leiden de resultaten van de uitvoeringsagenda duurzame Wmo dit jaar nog niet tot een volledige invulling van de taakstelling van 1,2 miljoen euro.

Voor de ambulante jeugdhulp gaan we ervan uit dat de kosten dit jaar lager zijn dan in 2025 maar realiseren we naar verwachting nog niet de volledige taakstelling van 6 miljoen euro.Daarnaast is er een nadeel gerelateerd aan de zware jeugdhulp, contract essentiële functies en complexe casuïstiek. Over de voortgang van de uitvoering van de uitvoeringsagenda duurzame jeugdhulp informeren we uw raad separaat via een halfjaarlijkse rapportage.

In het fysieke domein hebben we te maken met tekorten op de onderhoudsbudgetten asfalt. In verband met de veiligheid en bruikbaarheid van de wegen zijn onderhoudswerkzaamheden noodzakelijk die niet langer uitgesteld kunnen worden. En aanhoudende klachten over storingen in de openbare verlichting op de Waalbrug leiden ertoe dat het niet verantwoord is te wachten met het vervangen van de installatie gelijktijdig met het onderhoud aan de Waalbrug door Rijkswaterstaat. Dit onderhoud is uitgesteld tot 2030.

Op de uitvoering van de BRIKS-taken verwachten we een nadeel doordat extra inzet nodig is om de taken en werkzaamheden op orde te brengen. Ook hebben we te maken met kostenverhogende effecten door inhuur en als gevolg van invoering van de omgevingswet op het inrichtingsplan voor het personeel. Daarmee samenhangend wordt met de invoering van de omgevingswet de link tussen beleidsontwikkeling, planvorming, toetsing en vergunningverlening veel directer gelegd. Veel schakels zijn vereist voor het doen functioneren van de omgevingswet, de stedelijke programmeringshandelingen en de uitvoering daarvan en dit vraagt een andere inhoudelijke inzet en uitgebreidere coördinatie.  Dat brengt veel extra werk met zich mee waarvan de kosten maar beperkt terug te verdienen zijn via bijvoorbeeld een leges oplegging.

Voor een uitgebreidere toelichting verwijzen we naar de programmameldingen.

Tot slot gaan we in op de ontwikkelingen van de investeringen ten opzichte van de Stadsrekening 2025, lichten we verwachte afwijkingen toe ten opzichte van de lopende investeringskredieten en stellen een aantal aanpassingen voor.
In maart hebben wij uw raad geïnformeerd over de nieuwe werkwijze om meer grip op investeringen te krijgen. Met het oog op de voorbereiding van de Stadsbegroting 2027 hebben we daarom de huidige investeringsagenda omgezet naar de nieuwe indeling, en is bij de specifieke investeringskredieten onderscheid gemaakt tussen investeringen in potlood (voorgenomen investeringen), in voorbereiding en in uitvoering.

Advies
Aan de raad voor te stellen:

  1. De begroting 2026 voor de meldingen zoals beschreven in het hoofdstuk 'Meldingen in de begroting te verwerken' aan te passen;
  2. BW-10228 (Meldingen Voortgangsmonitor 2026) vast te stellen;
  3. BW-10229 (Verzamelvoorstel) vast te stellen;
  4. BW-10230 (Investeringen) vast te stellen.
Deze pagina is gebouwd op 06/02/2026 08:58:49 met de export van 06/02/2026 08:48:22